Posts tonen met het label Flarden. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Flarden. Alle posts tonen

vrijdag 18 februari 2011

Winkeldief



Een klein incident in de supermarkt. Even voorbij de kassa’s is een vakkenvuller in gevecht met een onguur type, dat echter weet te ontsnappen, al verliest hij daarbij z’n jas, waaruit een mobieltje op de grond klettert. Twee filiaalmanagers in streepjespak komen zogenaamd hollend aangezet, in grijze krijtstreeppakken.



‘Die komt nog wel terug,’ verzekert de vakkenvuller ze. ‘Voor z’n telefoon.’


Even is er een verhevigde concentratie van solidariteit te bespeuren onder de klanten en het personeel dat getuige was. Korte gesprekjes, blikken, frivool, een beetje feestelijk haast. Twee kassa’s verderop hoor ik een meisje zeggen: ‘En we hebben natuurlijk ook nog camera’s waar hij op staat…’


Buiten bespreekt het ploegje van de gemeentereinigingsdienst de gebeurtenis na. De accordeonspeler, die sinds een paar dagen de straatkrantverkoper is komen aflossen, trekt gelaten door.


We hebben vijanden nodig als injectie om ons collectieve immuunsysteem aan te wakkeren, als een inenting. Na zo’n incident synchroniseren we instinctief onze morele opvattingen, en bevestigen we dat we aan de goede kant van de streep staan.

zaterdag 8 januari 2011

Rampenjournaal

De publieke omroep was onmiddellijk ‘live gegaan’, en zond non-stop uit vanuit de journaalstudio. Zulke vertoningen kenmerken zich altijd door een hectische sfeer waarin bij gebrek aan concrete feiten eindeloos dezelfde flarden herhaald worden. Elke nieuw ingrediĆ«nt voor die lus, elke reactie en elk vers ooggetuigeverslag onthalen de crisispresentatoren tromroffelend als ‘brekend nieuws’, zodat je tegen je zin in aan het scherm blijft gekluisterd. Alleen tijdens nationale rampen lijkt onze publieke omroep op CNN op een doordeweekse dag.

dinsdag 4 januari 2011

Secondewijzer


Doordat ik altijd stipt op tijd verschijn op afspraken ben ik in feite overal te vroeg. Toch voel ik er niets voor om me te schikken naar de ongeschreven regel dat je altijd later komt, vooral om degenen die op je wachten te doordringen van je gewichtige positie. Juist mijn accuratesse voelt aan als een rebels trekje.
Ik pas mijn tempo aan als ik de bestemming nader en blijf in de laatste meters de secondewijzer op mijn horloge volgen.

dinsdag 21 december 2010

Wegrijden


Doordat het gesneeuwd heeft – alle auto’s zijn bedolven onder een dikke vacht – tref je aan alle straatkanten dezelfde taferelen aan. Geparkeerde auto’s worden schoongeveegd terwijl de motor zachtjes pruttelt, als een pan op het vuur.
Met een schop scheppen mensen sneeuw weg rond de wielen – vastgekoekte ijsbrokken tussen banden en spatborden moeten worden losgebikt – waarna er pogingen ondernomen worden om weg te rijden.
Passagiers of passanten duwen het voertuig in de rug, terwijl de bestuurder het gas laat gieren en de wielen onstuimig doorslibben, als angstige beesten aan teugels. Als de auto uiteindelijk in het spoor schiet van ingereden smurrie, heeft dat altijd iets verrassends, dat reden geeft voor een bescheiden feestje van lichtseinen of claxonneren.



[vanaf nu op dit weblog af en toe een actueel prozafragment onder het label 'Flarden', soms wellicht uit ooit te verschijnen werk - wie weet]